MPG en Milieuprestatie Bouwwerken

Op deze pagina

Als je een nieuw gebouw wilt realiseren, dan moet je sinds 2021 bij de aanvraag van de omgevingsvergunning voor bouwen een milieuwaarde aanleveren: de Milieuprestatie Gebouwen (MPG). De berekening van deze waarde gebeurt met de bepalingsmethode Milieuprestatie Bouwwerken. Vanaf 2026 gelden nieuwe regels voor de MPG en berekening. Dit heeft ook effect voor zorgorganisaties.

MPG: Beoordeling van materiaalgebruik in gebouwen

De Milieuprestatie Gebouwen (MPG) geeft aan wat de milieubelasting is van alle toegepaste materialen in een gebouw. Hoe lager de MPG-score, hoe minder milieuschade het gebouw veroorzaakt. De MPG is daarmee een hulpmiddel om duurzamer te bouwen door bewustere materiaalkeuzes te maken.

Wanneer is de MPG verplicht?

De eis geldt alleen voor nieuwbouw en niet voor bestaande gebouwen, ook niet wanneer deze ingrijpend worden verbouwd of gerenoveerd. Het staat echter vrij om de MPG-berekening vrijwillig op te nemen in verbouwplannen.

De overheid stelt eisen aan de maximale waarde van de MPG, afhankelijk van de gebruiksfunctie van een gebouw. Bij de aanvraag van een vergunning wordt hiernaar gekeken. 

Nieuwe regels MPG

Vanaf 1 januari 2026 zijn deze nieuwe regels van kracht:

In lijn met het Besluit bouwwerken leefomgeving wordt er sinds juli 2025 gesproken over de Milieuprestatie Bouwwerken.

Wat wordt er berekend?

De milieuprestatie van een bouwwerk wordt bepaald door de optelsom van een aantal milieubelastende onderwerpen voor (bijna) alle toegepaste materialen.  

Het gaat over de milieu-impact tijdens de gehele levensduur van een gebouw:  

  • Productiefase
  • Bouwfase
  • Gebruiksfase én 
  • Sloop- en verwerkingsfase. 

De milieueffecten worden omgerekend naar zogeheten schaduwkosten – een monetaire eenheid die aangeeft wat het zou kosten om de milieuschade ongedaan te maken. De Milieuprestatie Gebouwen wordt weergegeven in euro per m² per jaar.  

Berekening energieprestatie apart

De energieprestatie van een bouwwerk wordt apart berekend, daarvoor zijn de BENG-eisen (Bijna Energieneutrale Gebouwen) van toepassing. Er wordt wel gewerkt aan een gecombineerde MPG+BENG om het optimum te kunnen kiezen m.b.t. materialen én energieverbruik.

Hoe wordt de MPG berekend?

Bij het berekenen van de MPG wordt gebruikgemaakt van milieuprofielen van producten en materialen. Deze profielen zijn gebaseerd op een levenscyclusanalyse (LCA), waarin de milieubelasting over de hele levensduur wordt meegenomen: van grondstofwinning tot afvalverwerking.

De Nationale Milieudatabase en rekenmethode

De milieuprofielen van producten en materialen staan in de Nationale Milieudatabase (NMD). Bij het berekenen van een MPG zet je de de toegepaste materialen en hoeveelheden in een rekeninstrument voor MPG. De totale milieubelasting wordt vervolgens gedeeld door de levensduur van het gebouw en het bruto vloeroppervlak (BVO), wat resulteert in een MPG-score in euro’s per m² BVO per jaar.

Deze score gebruik je bij het aanvragen van een omgevingsvergunning. De overheid hanteert bij de beoordeling een grenswaarde, afhankelijk van de gebruiksfunctie (zie hieronder).

Wat moet je meerekenen?

Voor de Milieuprestatie Bouwwerken is een demarcatie opgesteld voor zaken die je wel of niet mee moet tellen. Omdat er een grijs gebied is, komt er een bijlage bij de regeling.  

In grote lijnen geldt het volgende: 

Wél meetellen:

  • Alle onderdelen die nodig zijn om te voldoen aan de technische eisen in het Bbl (Besluit bouwwerken leefomgeving). Bijvoorbeeld constructie onderdelen, vaste installaties en toegankelijkheidsvoorzieningen. 
  • Alle onderdelen die deel uit maken van een technische berekening.
    Bijvoorbeeld zonnepanelen (vanwege BENG-eis), zonwering (gevolg van TO-juli eis). 
  • Alle onderdelen die bijdragen aan het realiseren van een technische prestatie brandveiligheidsvoorzieningen. Bijvoorbeeld brandwerende deuren inclusief (vrijloop) deurdrangers. 

Niet meetellen: 

  • Inrichting, zoals keukens, toiletpotten en plafondtilliftsystemen. 
  • Aankleding, zoals wand- en vloerafwerking, gordijnen en systeemplafonds. 

Grijs gebied: 

  • Extra zonnepanelen (meer dan nodig voor BENG-eisen): niet meetellen. 
  • Systeemplafond dat nodig is om aan de akoestische eisen te voldoen: wel meetellen. 
  • Alternatieve oplossingen op basis van gelijkwaardigheid, zoals een watermistsysteem in plaats van brandwerende deuren en deurdrangers: wel meetellen. 

Vergelijking oude en nieuwe bepalingsmethode

Per 1 januari 2026 zijn de rekenmethode en de reikwijdte aanzienlijk veranderd. Omdat de bepalingsmethode is uitgebreid zijn de huidige (bepalingsmethode A1) en de nieuwe waarden (bepalingsmethode A2) niet gelijk aan elkaar.  Zie afbeelding hieronder voor de vergelijking. 

MPG voor woningen met de oude en nieuwe bepalingsmethode

De MPG-berekening moet vanaf 2026 worden opgesteld op basis van de EN15804:A2 standaard. Dit betekent dat er met 19 milieu-impactcategorieën wordt gerekend in plaats van de huidige 11. Bovendien gold de MPG-verplichting voorheen alleen voor woningen en kantoren. Vanaf 2026 wordt de eis uitgebreid naar vrijwel alle gebouwfuncties in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl).

Grenswaarden per gebruiksfunctie per 2026

Hoewel de aanscherping voor woningen is uitgesteld, gelden voor andere functies vanaf 1 januari 2026 (met een overgangstermijn voor sommige onderdelen tot 1 juli 2026) de volgende grenswaarden:

Gebruiksfunctie Milieuprestatie-eis
Kantoor
=< 1,55
Wonen – in een woongebouw
=< 1,60 (groter dan 60m2 GO)*
Wonen – andere
=< 1,80 (groter dan 80m2 GO)*
Bijeenkomst
Cel
Gezondheidzorg
Industrie
Logies
Onderwijs
Sport
Winkel
=< 1,85
Overige gebruiksfuncties
=< 1,80

*Bij de woonfunctie geldt een vrijstelling voor ruimtes met een GebruiksOppervlakte van respectievelijk 60 m2 (in een woongebouw) en 80 m2 (overige).

Invloed van levensduur van bouwwerken op MPG

In de Milieuprestatie gaat de wetgever ervan uit dat een woongebouw 75 jaar meegaat en een utiliteitsgebouw 50 jaar. Op basis van de levensduur van de diverse onderdelen wordt de milieubelasting berekend. Een installatie zal gedurende de levensduur meerdere malen vervangen worden, dus daar wordt rekening mee gehouden.  

Die levensduur is om een gelijk speelveld te creëren. Dat een gebouw een andere economische levensduur heeft, in de zorg vaak 30 of 40 jaar, daar wordt (nog) geen rekening mee gehouden. De daadwerkelijke technische en functionele levensduur zal pas in de toekomst duidelijk worden. Voor een duurzame toekomst is het wel wenselijk om een (woon)zorggebouw te ontwerpen dat minimaal 50 respectievelijk 75 jaar meegaat.

Hoe kun je een MPG verlagen?

De CO2-uitstoot van de bouw en bouwmaterialen kan veel lager worden door:

  1. Compact te bouwen
  2. Duurzame materialen te gebruiken, zoals hout voor de constructie en biobased isolatie
  3. Zeer energiezuinig te bouwen. Door zeer energiezuinig (richting passief) te bouwen zijn minder zonnepanelen nodig om de minimale energetische prestatie uit het Bouwbesluit (BENG 2) te halen. Minder energiezuinige gebouwen hebben meer zonnepanelen nodig om te voldoen aan BENG 2. Zonnepanelen hebben een negatieve impact op de CO2-emissie van bouw en bouwmaterialen.

MPG als hulpmiddel voor circulair bouwen

De MPG is een goed startpunt voor het maken van duurzame materiaalkeuzes. Toch is de MPG alleen niet voldoende voor circulair bouwen, omdat het bijvoorbeeld geen rekening houdt met de losmaakbaarheid of herbruikbaarheid van onderdelen. Voor een volledige beoordeling van circulariteit zijn aanvullende criteria en methoden nodig.

Toekomstige integratie met energieprestaties

De energieprestatie van een gebouw wordt nu nog apart beoordeeld via de BENG-eisen (Bijna Energieneutrale Gebouwen). Er wordt gewerkt aan een gecombineerde meetmethode waarmee zowel materiaal- als energiegebruik samen worden gewogen. Vanaf 2030 zal hiervoor de WLC-GWP (Whole Life Cycle Global Warming Potential) worden ingevoerd.

Meer informatie

Stichting Nationale Milieudatabase

Verder lezen
Secret Link

Meer over EVZ

Webinar Duurzame oplossingen warm tapwater

Welke oplossing om warm tapwater te verduurzamen past het beste bij de specifieke situatie in jouw organisatie? Op basis van praktijkvoorbeelden leer je wat de meest relevante factoren zijn voor je keuzes. Gratis webinar van EVZ op donderdag 5 maart 13.30-14.15 uur.